Veelgestelde vragen

Uit onderzoek blijkt dat 4,2% van de wereldbevolking in meer of mindere mate een NDE heeft gehad. Bij kinderen komt een NDE relatief vaker voor dan bij volwassenen. Waar bijvoorbeeld 18-43% van de volwassene melding maakt van een NDE, is dit percentage bij kinderen 58%1 tot 85%2 (na een levensbedreigende situatie).

Wetenschappelijk is bekend:

• Dat de Nabij-de-Dood-Ervaring (NDE) antropologisch gezien kan worden als een breed2 en dieper geworteld verschijnsel van alle tijden als onderdeel van het menselijk wezenlijke zijn. Een NDE vereist een complex veelzijdig verklarend model waarbij zowel individuele als culturele, metafysische en neurofysiologische factoren een rol spelen. Zie o.a. een peer-reviewed artikel op Taylor & Francis (Engelstalig).
• NDE’s treden fysiologisch daadwerkelijk aantoonbaar op.
• De ervaring geeft een blijvende verhoging van de psychologische levenskwaliteit. 87% van de NDE-ers geeft aan zich sindsdien blijvend gelukkiger te voelen. Vooraanstaand NDE-onderzoeker Bruce Greyson geeft aan dat de impact groter is dan wat hij als psychiater zou hebben bewerkstelligen.
Ook bij betrokkenen treedt langzaamaan een verandering op.
• Het onderdrukken en geen ruimte geven aan de (antropologisch gezien) natuurlijke ervaring, blijkt negatieve gevolgen te hebben op de psychologische gezondheid en daarmee ook de fysieke gezondheid van het kind. Daarmee brengt de onderdrukking een ziektebeeld en niet het verschijnsel zelf.
• De ervaring zoals die wordt verteld, blijkt het gehele leven bij en blijft door de jaren heen consistent (hetzelfde verhaal) in vergelijking (en tegenstelling) tot dromen, hallucinaties en ook ten opzichte van normale levensgebeurtenissen.
• De inhoud van de NDE’s betreft wetenschappelijk gezien een subjectieve ervaring: De inhoud kan verstandelijk gezien niet worden bevat. Wetenschappelijk kan de inhoud niet prospectief worden geverifieerd. Daarmee kan een NDE (wetenschappelijk gezien) niet aantoonbaar overdraagbare duiding geven over hoe concreet zou moeten worden geleefd: De persoonlijke ervaringen en het delen ervan gaat dan ook om iets anders.

De kenmerken van de ervaring zelf zijn in grote lijnen gelijk aan een NDE op oudere leeftijd.
De impact en de uitwerking van de ervaring, kan anders of ingrijpender zijn.

Lees meer onder wat een kinder-NDE anders maakt voor kinderen.

Na de (h)erkenning van de NDE is het belangrijk om het kind de ruimte te geven aan de ervaring. Luisteren en doorvragen zijn het aller belangrijkst indien het kind al een leeftijd heeft bereikt dat het de ervaring kan verwoorden.

Wanneer een realistisch invulling wordt gevonden voor de ervaring, kan het kind betekenisvolheid ervaren en daardoor aarden in het leven mét de ervaring. Het leven mét de ervaring doet de NDE-er helen/beschermen.

Meer handvaten en tips vind je op de pagina:
Eerste hulp bij iemand die een NDE heeft gehad(?) en
Hulp en ondersteuning

Een NDE betreft antropologisch gezien een natuurlijk verschijnsel. Het (al dan niet onbewust) onderdrukken en geen ruimte geven aan dit verschijnsel (de ervaring) kan voor de NDE-er verwerkingstrauma geven met negatieve gevolgen op de psychologische gezondheid en daarmee ook de fysieke gezondheid van het kind. Wanneer bekend is dat er sprake is geweest van een NDE en er een psychologisch behandelvraagstukken bij is ontstaan, bestaat de juiste behandeling uit een vorm van ondersteuning tot het verwerken en integreren van de NDE. Lees bij ziektebeeld en behandeling meer hierover.

Neem bij meer vragen of bemerkingen gerust contact met ons op: contactgegevens.

veel gestelde vragen

Voetnoten/bronvermeldingen

1. 58% van de kinderen maakt melding van een NDE na een levensbedreigende ziekte.
Bron (op basis van Morse): https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1550830723002616 ↩︎

2. 85% van kinderen nabij de dood maken melding van een NDE na een hartstilstand.
Bron: https://research.iands.org/images/stories/pdf_downloads/child.pdf ↩︎